Citaat Toon Hermans: “Soms heeft reclame iets van een arrogant soort bedelaar”

Taxlive 2/12/22 VNVandaag 1/12/22
Bron: Rechtbank Den Haagn14-11-2022 (publicatie 29-11-2022) AWB – 20 _ 6221 ECLI:NL:RBDHA:2022:11977

https://uitspraken.rechtspraak.nl/#!/details?id=ECLI:NL:RBDHA:2022:11977

Samenvatting

Gemeente X sluit overeenkomsten met diverse bedrijven voor het exploiteren van buitenreclame. Zij realiseert daarbij in de jaren 2016 – 2019 winsten van € 104.000 tot € 315.000. De inspecteur legt een VPB-aanslag 2016 op aan X en belast daarbij de met de reclameactiviteiten gerealiseerde winst. X is het daar niet mee eens.

Rechtbank Den Haag oordeelt dat ten aanzien van de reclameactiviteiten van gemeente X sprake is van een materiële onderneming. X maakt structureel winst in de jaren 2016 – 2019, zodat aan het winstoogmerk is voldaan. De rechtbank toetst daarbij de reclameactiviteit zelfstandig aan de criteria voor ondernemerschap. Toetsing tezamen met de activiteit ‘beheer en inrichting van het openbaar gebied’ ligt volgens de rechtbank niet voor de hand, gezien het verschil in aard van de activiteiten, en de aard van de afnemers. Volgens de rechtbank treedt X niet op als overheidsorgaan voor de reclameactiviteit, maar heeft zij hierbij een privaatrechtelijke hoedanigheid. Ook wijst de rechtbank het beroep op de overheidstakenvrijstelling af. De aanslag wordt nog wel verminderd omdat de inspecteur rekening moet houden met een aantal kostenposten.

Opmerking

Gemeente belastingplichtig voor reclameactiviteit

Vanaf 1/1/2016 zijn overheidsondernemingen belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting.

Voor typische overheidstaken zijn zij vrijgesteld. Dat was ook het geschil in een zaak voor de rechtbank over het eerste jaar van belastingplicht voor een activiteit van een gemeente. Het gelegenheid geven van exploiteren van buitenreclame. U kent ze wel. De abri’s met reclame of de reclame op rotondes. Reclamexploitanten mogen tegen betaling aan de gemeente deze reclame uitingen erop plaatsen. De toets van de belastingplicht volgt nagenoeg de wettelijke toets voor stichtingen en verenigingen, namelijk of er sprake is van een onderneming.

De rechter oordeelt, dat de reclameactiviteit voldoet aan alle vereisten van een onderneming. Toch enkele kanttekeningen. Aan de vraag of sprake is van (meer dan) normaal vermogensbeheer komt de rechtbank niet toe, omdat er sprake is van een onderneming. Dat is een vreemde opmerking van de rechter. Eerder in de tekst oordeelt de rechter, dat er sprake is van een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid. Er is dus meer arbeid dan nodig is om een rendement te halen, dat past bij normaal vermogensbeheer. Impliciet heeft de rechtbank zich wel degelijk uitgelaten over de vraag of er sprake is van normaal vermogensbeheer. Die is er dus niet.

Inventief is het oordeel, dat het gelegenheid geven van exploiteren van buitenreclame naar haar aard niet voortvloeit uit het beheer of de inrichting van gemeentelijke gronden. Anders zouden de reclameactiviteiten onder de publieke taak vallen en zijn zij niet belast. Maar er is wel overlap: een losliggende tegel onder een reclamezuil vastzetten (reclameactiviteit) verschilt niet van het vastzetten van de tegel ernaast (publieke taak).

Ik denk, dat het een begin is van een reis richting de Hoge Raad. De rechter heeft ook nog een andere soortgelijke kwestie volgens de uitspraak onder handen. Maar het gaat natuurlijk om alle gemeenten in Nederland. Het begrotingstekort van de gemeenten dwingt tot duidelijkheid bij de Hoge Raad.

Ricky Turpijn

Aanbevolen artikelen

Een reactie plaatsen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *