Citaat William Shakespeare: “Eigen slechtheid leert de gedachten van anderen te wantrouwen”

Taxlive 4/5/23 VNVandaag 3/4/23
Bron: Gerechtshof Den Haag 01-03-2023 (publicatie 01-05-2023) BK-21/01046 W tot en met BK-21/01070 W ECLI:NL:GHDHA:2023:561

https://uitspraken.rechtspraak.nl/#!/details?id=ECLI:NL:GHDHA:2023:561

Samenvatting

X gaat in hoger beroep in een BPM-procedure. De griffier van Hof Den Haag deelt X telefonisch mede dat het hof geen vragen heeft aan de door X aangekondigde deskundigen en dat als gevolg het weinig zin heeft de deskundigen mee te nemen naar de zitting. X dient na dit gesprek een wrakingsverzoek in.

De wrakingskamer van Hof Den Haag wijst het verzoek van X tot wraking af. De stelling van X dat de raadsheren haar via de griffier telefonisch hebben bevolen geen deskundige mee te brengen naar de zitting mist feitelijke grondslag. Uit de transcriptie van het telefoongesprek kan niet worden afgeleid dat de boodschap van de griffier inhield dat het hof had beslist dat er geen deskundigen naar de zitting mochten worden meegebracht. Ook in het dossier ziet de wrakingskamer geen grond voor een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid. De beslissing van het hof om geen getuigen op te roepen en de beslissing om het uitstelverzoek te weigeren, zijn procedurele beslissingen waarover de wrakingskamer geen oordeel toekomt. Het verzoek tot wraking is ongegrond.

Opmerking

Het vertrouwen in de onpartijdigheid van de rechter lijkt steeds meer aan erosie onderhevig te zijn. Dit uit zich in de vele jurisprudentie gewezen door de wrakingskamers van het gerecht.

Uitzonderingen daargelaten wijst de wrakingskamer het wrakingsverzoek in de regel af. Het zou verontrustend zijn, als dit anders zou zijn. In onderstaande procedure over de Bpm lukt het ook niet. Uit de transcriptie van het telefonisch gesprek met de griffier zou blijken, dat het belanghebbende wordt verboden om getuigen mee te nemen naar de zitting. Dat het telefoongesprek wordt opgenomen door belanghebbende in het contact met de overheid lijkt heden ten dage normaal te zijn. De griffier lijkt zich daar bewust van te zijn, omdat hortend en stotend de griffier de boodschap van de rechters wordt doorgeeft, dat het niet zinvol is getuigen mee te nemen, omdat de rechters geen vragen zullen hebben. Dat vertaalt belanghebbende als vooringenomenheid en dus een verboden partijdigheid, omdat de rechters dat nooit van te voren kunnen weten. In het transcript is te lezen de uitlating van de griffier: “… ik kan u ook weer niet verplichten om ze thuis ze thuis te laten…” Wellicht heeft de wrakingskamer haar afwijzing van het verzoek hierop gebaseerd: het verbod is nergens te lezen. Het telefoontje van de weifelende griffier had de bedoeling teleurstelling bij belanghebbende op de zitting te voorkomen namelijk, dat er geen vragen gesteld worden aan de getuigen. In plaats van de waarschuwing ter harte te nemen, valt die boodschap in het verkeerde keelgat van belanghebbende. Ergens ook wel te begrijpen, als je vol emotie zit. Dat is jammer voor het verloop en met name de acceptatie van een negatief oordeel in de hoofdzaak.

Ricky Turpijn

Aanbevolen artikelen

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *